Zo is het toevallig ook nog eens een keer

In het midden van de jaren zestig komt het satirische VARA-programma ‘Zo is het toevallig ook nog eens een keer’ op de buis. Het verdeelt het land  in twee kampen. Er worden zelfs vragen over gesteld in de Tweede Kamer. Het turbulente en korte leven van een roemrucht programma uit de sixties.  

Zo is het toevallig ook nog eens een keer’ mag gerust het eerste satirische programma op de Nederlandse televisie heten. Het doel van het VARA-programma, dat tussen 1963 en 1966 achttien maandelijkse uitzendingen telt, is simpelweg stof doen opwaaien. Ons land kent de kritische toon op politiek en maatschappij tot die tijd nog niet. Het Nederlandse publiek is wel bekend met de humor van programma’s als ‘De Publieke Tribune’ en ‘De Johnny en Rijk Show’, maar satire is nieuw.

Het BBC-programma ‘That Was The Week That Was’ dient als voorbeeld. Mies Bouwman is het boegbeeld van het programma. Als zij samen met haar man Leen Timp in het begin van de jaren ’60 een bezoek brengt aan de studio’s van de BBC om daar te speuren naar leuke programma’s, raakt ze gecharmeerd van ‘That Was The Week That Was’, gepresenteerd door de Engelse journalist David Frost. Ze stelt bij terugkomst aan de AVRO voor om het programma ook in Nederland op de buis te brengen. Die omroep staat daar in het begin niet onwelwillend tegenover en geeft Bouwman de ruimte om het uit werken. Maar ook andere programmamakers ontdekken ‘That Was The Week.’ Herman Wigbold, eindredacteur bij de VARA, benadert Bouwman en na een aantal gesprekken zijn de partijen het eens. Van de VARA krijgen de makers alle vrijheid. Er wordt vertrouwd op de professionaliteit van de redactie.

VARA-voorzitter Jaap Burger, tevens fractievoorzitter van de PvdA voorspelt nog voor de eerste uitzending dat er grote beroering zou ontstaan als de show op de buis zou komen. Bekendheden als Rinus Ferdinandusse, Jan Blokker en Dimitri Frenkel Frank worden benaderd voor het schrijven van teksten voor de sketches. Samen met Mies Bouwman, Yoka Berretty, Gerard van het Reve, Peter Lohr en Joop van Tijn voeren zij de sketches uit. Herman Wigbold is verantwoordelijk voor de eindredactie en Leen Timp doet de regie.

Taboes

Het doorbreken van taboes is niet alleen het motief van de programmamakers. In die periode maken omroepen zich los van de politieke banden. De verdediging van de vrijheid van meningsuiting is ineens belangrijk. Omroepen willen zelf de grens kunnen bepalen tot waar zij zich laten betuttelen door de overheid of andere belangengroepen. Het is ook nog de tijd dat Nederland slechts één kanaal heeft, waar iedereen die zich een tv-toestel kan veroorloven, naar kijkt. Op 9 november 1963 wordt de eerste aflevering van ‘Zo is het toevallig ook nog eens een keer’uitgezonden.

De woorden van VARA-voorzitter Burger lijken haast profetisch. De derde uitzending, 4 januari 1964, zet het land op zijn kop. In navolging van het Engelse programma leest Peter Lohr een tekst voor in bijbelse bewoordingen: ,,Geef ons heden ons dagelijks programma.” Meteen na de uitzending, die nu ‘Beeldreligie’ wordt genoemd, raast er een grote donkere stofwolk van boze kijkers over het land. De kijkers voelen zich beledigd over hun op de korrel genomen beeldverslaving en religie. Kritiek op die dingen is in die tijd nog een taboe. De makers van ‘Zo is het’ zijn de eersten die het aandurven om tegen heilige huisjes aan te trappen.

Minister-president Marijnen voelt zich zelfs genoodzaakt om op de zondag na de geruchtmakende uitzending een verklaring uit te geven waarin hij bekendmaakt dat minister Bot (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap) maatregelen overweegt om herhaling te voorkomen. Dat een dergelijke verklaring op de rustdag wordt uitgegeven, is in die tijd hoogst ongebruikelijk en bewijst des te meer hoeveel opschudding het nieuwe satirische programma veroorzaakt.

De reacties van kijkers zijn allesbehalve mild, vooral die aan het adres van publiekslieveling Mies Bouwman. De onderzoekers H. Daudt en B. Seijes maken vlak na de uitzending een analyse van de ingezonden brieven na ‘Beeldreligie’. De twee concluderen uit hun studie dat zich achter de scheldbrieven een diepe verontrusting over de samenleving bij de schrijvers bevond. Een aantal hoogleraren in de sociologie en de geestelijke gezondheidszorg reageren vervolgens in het openbaar op de protestschrijvers. De wetenschappers verklaren dat de geuite kritiek en beledigingen een vorm van geestelijke stoornis is, die volgens hen meer zorgen wekte.

De dreiging van minister Bot om het programma te stoppen, valt uiteindelijk erg mee. Vooral omdat VARA-voorzitter Jaap Burger twijfelt of de overheid wel mag ingrijpen bij programma’s van de publiek omroep. De minister laat weten dat ingrijpen vanuit de overheid niet wenselijk is , waarna hij volstaat met een waarschuwing aan het adres van de VARA. ‘Zo is het’ ontglipt hiermee aan overheidsbemoeienis en loopt meteen het pad plat voor satirische programma’s die volgen. Van Kooten en De Bie en later Kopspijkers, Koefnoen en Dit was het Nieuws, wat ook van Britse origine komt (‘Have I got news for you?’) nemen  later de satirefunctie over.

Politiebewaking voor Mies Bouwman

De programmamakers zijn het mikpunt na ‘Beeldreligie’. Op de redactie van de VARA komen duizenden boze brieven binnen. De reacties zijn grof, vooral die aan het adres van publiekslieveling Mies Bouwman. Kort na de uitzending brengt de recherche een bezoek aan Bouwman. Er zijn namelijk aanwijzingen dat er plannen zijn om haar oudste kind te ontvoeren. Bouwman wil direct stoppen, maar de politie overtuigt haar om nog één uitzending te doen om zo de verdachte te kunnen opsporen. De VARA is wel onder de indruk van alle commotie, maar besluit dat het programma gewoon moet doorgaan. Er komt wel een verklaring van het bestuur waarin staat dat het niet de bedoeling is geweest iemand in zijn godsdienstige gevoelens te kwetsen. Verschillende dominees verschijnen op tv en spreken schande over ‘Zo is het’.

Bij de vierde uitzending is er volop politiebeveiliging aanwezig. Zelfs de kabels die van de televisiewagen naar de studio lopen worden bewaakt, omdat de angst bestaat dat ze worden doorgesneden. Mies Bouwman stopt er na deze uitzending direct mee.

Censuur vanuit de VARA-leiding rondom het huwelijk van koningin Beatrix en prins Claus in 1966 leidt er uiteindelijk toe dat de redactie van het programma besluit om er mee te stoppen. Schrijver Hugo Brand Cortius heeft voor de uitzending een tekst geschreven over het optreden van de Amsterdamse burgemeester Van Hal in een ander programma. Het bestuur van de omroep verbiedt deze tekst omdat hun partijgenoot Van Hal heeft gevraagd om een afkoelingsperiode door de opkomende rellen rondom het huwelijk van Beatrix en Claus. De redactie kan hier niet mee leven en besluit direct te stoppen.

In 1966 krijgt het programma de Televizierring uitgereikt. Later blijkt dat onterecht: een medewerker van de uitgeverij van Televizier heeft honderden kaarten op naam van ‘Zo is het’ verzonden om te voorkomen dat Willem Duys wint. Door VARA TV-Magazine is het programma bekroond als beste van de vorige eeuw.

——————————————————————————————————–

Andere Tijden

Mies Bouwman: ,,Na ‘Zo is het’ was het lekker rustig”

‘Zo is het, toevallig, óók nog eens een keer’ zingt een guitig lachende Yoka Berretty. Dat zinnetje herhaalt ze steeds tussen de sketches door met haar sprekende ogen en kuiltjes boven haar mondhoeken. Het lijkt de leader van een onschuldig programma, maar aan tafel voor een interview in het programma Andere Tijden blijkt het tegendeel. ,,We wilden kritiek uitten op de openbare orde”.

Ze zijn wat ouder geworden: Yoka Berretty, Rinus Ferdinandusse, Mies Bouwman en Leen Timp. Toch zijn de makers van het roemruchte tv-programma ‘Zo is het toevallig ook nog eens een keer’ in kleur nog te herkennen van de zwart-wit beelden. De lach van Berrety, het droge hoofd van Ferdinandusse en de moeder-zachte stem van Bouwman. Timp was als regisseur nooit duidelijk in beeld, hoogstens op de tussenshots waarop te zien is hoe de camera’s naar een andere positie werden gedirigeerd.

Het gevoel voor humor zit er bij de vier programmamakers nog altijd in. Droogjes vertelt Timp het verschil tussen de Britse variant van het programma en zijn Nederlandse remake. ,,Het voornaamste verschil was dat zij het in het Engels deden.” Ferdinandusse zegt dat ‘The Week That Was hetzelfde doel voor ogen had als ‘Zo is het’: onrust zaaien. ,,Toen ik in Londen was om naar dat programma te kijken lieten ze me de protestbrieven zien. Dat was een hoeveelheid die van Londen tot Bombay zou komen, hadden ze uitgerekend.”

Dat ze in Nederland net als de Britten boosheid wilde opwekken, vinden de vier nog altijd logisch. De tijd was er rijp voor, maar hun eigen leeftijd speelde volgens Timp ook mee. ,,We gooiden de knuppel in het hondenhok, dat is heel normaal als je een jaar of dertig bent.” Ze waren het gehoorzamen aan de overheid zat. De deelname van publieklieveling Mies Bouwman was opvallend. Na haar optreden in het goede doelen programma ‘Open het dorp’ was ze door de AVRO bijna heilig verklaard. Nog opvallender was dat ze in haar eigen programma een aantal keer het onderwerp van gesprek werd. Zo zegt ze als ze met Ferdinandusse een kritisch echtpaar speelt dat het programma kijkt: “Wat ik nou echt niet begrijp, is dat ze haar ervoor gekregen hebben.” Later richt ze zichzelf nog tot haar criticasters bij de AVRO.

Het lieve imago van Bouwman was door het programma voor veel mensen verpest. Maar last ondervond de tv-coryfee er niet van. ,,In de jaren erna was het lekker rustig”. Haar moeder in het bejaardentehuis had er meer moeite mee, zegt ze voor de camera van Andere Tijden. ,,Mijn moeder was tijdens ‘Open het dorp’ de moeder van Mies. Dat vond ze fantastisch. Maar na die eerste uitzending van ‘Zo is het’ zei ze huilend aan de telefoon: ‘Wat heb je gedaan?”

————————————————————————————————–

Het programma ‘Zo is het Toevallig ook nog eens een keer’ zorgde voor veel opschudding in Nederland. Mediahistoricus Bert Hogenkamp (1951), verbonden aan het Instituut voor Beeld en Geluid, kan zich de rel nog wel herinneren.

Heeft u ‘Zo is het Toevallig ook nog is een keer’ zelf gezien op tv?

“Destijds hadden we nog geen tv thuis, pas in de tweede helft van de jaren zestig hadden wij een tv in huis. Later heb ik het programma natuurlijk wel vaak uit archieven gezien. Maar ik kan me nog wel herinneren dat er een hele rel om de uitzending over ‘Beeldreligie’ was. Ik weet nog dat mijn vader altijd anti-Telegraaf was, die krant wakkerde de rel ook extra aan.”

Wat was er nieuw aan het programma?

“De satirische vorm was duidelijk nieuw voor het publiek. Men kende dat wel van cabaret en radio. Maar dat was toch anders. Radio-omroepen waren toen nog verzuild, waardoor de satire per omroep sterk verschilde. Bij de KRO had je de Godfried Bomans-achtige liefelijke satire en de VARA stond er toch om bekend dat ze de grenzen opzochten.”

Had de VARA volgens u de rel rond ‘Beeldreligie’ uitzending verwacht?

“De VARA had al een traditie waarin ze het meest last hebben gehad met overheidsbemoeienis. Maar het grensoverschrijdende werd nooit opgezocht. Dat had de VARA bij ‘Zo is het’ ook niet verwacht, ze hadden alle vertrouwen in het programma.”

Toch had VARA voorzitter Jaap Burger al voorspeld dat dit programma wel stof zou doen opwaaien. Hoe verklaart u dat?

“Jaap Burger had, ook als politicus, het verfijnde gevoel wat er leefde onder de bevolking. Met satire zoek je het opwaaiende stof natuurlijk ook op. Maar dat het zo’n orkaan zou veroorzaken had hij niet verwacht.”

Hoe reageerde de VARA toen op de rel rond de ‘Beeldreligie’?

“In eerste instantie vonden ze het wel grappig. De VARA kwam uit een traditie waarin religie al als achterhaald werd beschouwd. Toch had de omroep een lastige relatie met het geloof, want PvdA’er Joop den Uyl was gereformeerd. De VARA ging toch snel over op ‘damage control’: ze wilden zich niet laten isoleren en wilden de eigen positie afbakenen.”

Was die beruchte uitzending nou echt zo heftig?

“Als je het nu kijkt denk je: leuk, maar is dit alles? Het paste in het brave kader van toen. Het medium drong destijds steeds meer de huiskamer binnen. Je keek destijds of je keek niet, dan heb je een grote kans dat je opschudding veroorzaakt. De rel werd toen ook nog aangedikt door kranten als de Telegraaf. Maar kijkers schreven toen al vaak brieven aan omroepen over programma’s. Ook als ze het goed vonden, maar voornamelijk als iets niet goed was. Toen was er eigenlijk veel meer aandacht van de kijker voor programma’s dan nu. Tegenwoordig zijn voor alle zenders de kijkcijfers veel meer van belang.”

Wat heeft ‘Zo is het’ voor gevolg op de Nederlandse televisie gehad?

“Het meest curieuze vind ik dat toen ‘Zo is het’ stopte de VPRO, toen nog een protestantse omroep, een soort gelijk programma wilde maken. De dominees vonden dat maar een slecht idee. Zelfs toen ‘Zo is het’ al lang van de buis was, zorgde het dus nog voor paniek.”

Bronnen:

www.geschiedenis.vpro.nl

www.wikipedia.nl

Uitzending Andere Tijden 5 februari 2002

http://geschiedenis.vpro.nl/programmas/2899536/afleveringen/5152268/items/5204159/

Boeken:

          ‘Een vrijzinnige verhouding – De VPRO en Nederland 1926-1986’, J.H.J van den Heuvel e.a, (VPRO 1986). Vooral het hoofdstuk over overheidsingrijpen in programma’s na de Tweede Wereldoorlog door Van den Heuvel hebben we gebruikt.

          ‘Omroep in Nederland’, Huub Wijfjes (1994)

 

Leave a comment

Filed under Historische TV-shows

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s